De Siri-Thesis : Paus in het Rood Kardinaal Siri ?

De Siri-Thesis: Voor en Tegen

Een objectieve historische, canonische en theologische presentatie van de argumenten rond de vermeende verkiezing van Kardinaal Giuseppe Siri tot Paus Gregorius XVII in de conclaven van 1958 en 1963

 

Inhoudsopgave  

  1. Inleiding  
  2. Hoofdstuk 1 – Argumenten vóór de Siri-Thesis  
  3. Hoofdstuk 2 – Argumenten tegen de Siri-Thesis  
  4. Bibliografie  

 

  1. Inleiding

De Siri-Thesis is een controversiële hypothese binnen bepaalde traditionalistische en sedevacantistische kringen. Zij stelt dat Kardinaal Giuseppe Siri (1906-1989), aartsbisschop van Genua, in het conclaaf van 1958 (en volgens sommigen eveneens in 1963) werd verkozen tot paus onder de naam Gregorius XVII, maar dat zijn verkiezing onder externe druk ongedaan werd gemaakt of ongeldig verklaard.

 

Dit document brengt alle gepresenteerde argumenten, bewijzen, citaten en referenties uit beide standpunten volledig en objectief samen.

 

  1. Hoofdstuk 1 – Argumenten vóór de Siri-Thesis

 

Proloog: De Feiten van het Conclaaf van 26 oktober 1958

Op 26 oktober 1958 verscheen er witte rook uit de schoorsteen van de Sixtijnse Kapel, tweemaal: rond 11:53 uur (ochtend) en rond 17:53-18:00 uur (namiddag). De Vaticaanse radio kondigde aan: “De rook is wit… Er is absoluut geen twijfel. Er is een paus verkozen.” De menigte riep “Viva il Papa!”. Enkele minuten later werd de rook zwart en de aankondiging ingetrokken als “vergissing”. Pas op 28 oktober 1958 werd Kardinaal Angelo Roncalli verkozen als Johannes XXIII.

 

Bron: The New York Times, 27 oktober 1958: “De rook die kort voor de middag verscheen, was in het begin zuiver wit … Kreten van ‘Viva il Papa!’ stegen op … Een priester die als officiële omroeper voor de Vaticaanse radio optrad, riep opgewonden: ‘Hij is wit, hij is wit! We hebben een paus!’ …”

 

Bewijs (1): De Witte Rook en de Aankondiging

Witte rook duidt traditioneel op een geslaagde verkiezing. De expliciete aankondiging door de Vaticaanse radio wijst volgens voorstanders op de verkiezing van Kardinaal Giuseppe Siri tot Paus Gregorius XVII op de derde of vierde stemming. De latere zwarte rook zou het gevolg zijn van externe druk.

 

Bewijs (2): FBI- en Inlichtingendocumenten via Paul L. Williams

Paul L. Williams, The Vatican Exposed: Money, Murder, and the Mafia (Prometheus Books, 2003, pp. 90-92): “Op de derde stemming behaalde Siri volgens bronnen van de FBI de nodige stemmen en werd hij verkozen tot paus Gregorius XVII. […] Maar de Franse kardinalen annuleerden de resultaten met het argument dat de verkiezing wijdverbreide rellen en de moord op verschillende vooraanstaande bisschoppen achter het IJzeren Gordijn zou veroorzaken, omdat Siri bekendstond als een uitgesproken en onbuigzame anticommunist.” Hij verwijst naar gedeclassificeerde documenten van het Amerikaanse ministerie van Buitenlandse Zaken (1958 en 1961).

 

Bewijs van Druk en Bedreigingen

Volgens Prince Paul Scortesco (neef van Prince Sigismondo Borghese, president van het conclaaf van 1963) zou kardinaal Eugène Tisserant tijdens het conclaaf de Sixtijnse Kapel hebben verlaten om contact op te nemen met vertegenwoordigers van de B’nai B’rith. Hij zou hun hebben meegedeeld dat de veel te conservatieve Siri was verkozen, waarop zij geantwoord zouden hebben dat hij als argument kon gebruiken dat dit onmiddellijk zou leiden tot nieuwe vervolgingen tegen de Kerk. Scortesco beweert dat Tisserant daarna terugkeerde en de verkiezing van Montini (Paulus VI) bewerkstelligde.

 

Deze bewering berust uitsluitend op de geschriften van Prins Scortesco (Louis Hubert Remy, Sous la Bannière nr. 6, juli-augustus 1986).

 

Uitgebreide context van de Franse kardinalen

Volgens Paul L. Williams en andere voorstanders van de Siri-Thesis vreesden de Franse kardinalen (o.a. Kard. Tisserand en meer progressieve groeperingen) dat een conservatieve paus Siri, die bekendstond als een zeer rigide en felle anticommunist, onmiddellijke en zware represailles van communistische regimes achter het IJzeren Gordijn zou uitlokken. Men was bang voor wijdverbreide rellen, arrestaties, folteringen en moorden op gevangen of vervolgde bisschoppen en priesters in landen zoals Hongarije, Polen, Tsjechoslowakije en de Sovjet-Unie. Daarom prefereerden zij een minder confronterende en meer “dialogerende” paus, die beter paste bij een politiek van ontspanning (détente) in de context van de Koude Oorlog.

 

Wat achter dit manoeuver zat van de franse kardinalen was nog meer sinister, de vm wou zich van de Kerk ontdoen door infiltratie en door het introduceren van een progressieve paus, door zo de Kerk van binnen uit te hollen. Dat weten we door de uitgelekte documenten van de “alta vendetta” gepubliceerd door Crétineau Joly. We zien inderdaad de resultaten hedentendage hoe de Kerk na het Vaticaan II van de liberale (en vm gezinde) pausen Jan XXIII en Paul VI gesteld is : massale geloofsafval, ongekende crisis. En een conservatieve Siri zou deze plannen gedwarsboomd hebben door gewoon een goede niet liberale (en vm-gezinde) paus te zijn.  Daarom dat gekonkel van Kard. Tisserand met de vm B’nai B’rith samen met de andere liberalen om de rest van het conclaaf aan hun zijde krijgen met dat verhaal over “de communistische reactie”, wat dus een krijgslist was.

 

Dr. J.P.M. van der Ploeg OP zou hebben verklaard dat Tisserant Siri in de sacristie bedreigde: “Als ge niet aftreedt dan weten we u en uw talrijke familie in Genua wel te vinden.”

 

In 1963 beschrijft Malachi Martin (The Keys of This Blood, Simon & Schuster, 1990, pp. 607-609) een gelijkaardig scenario: Siri behaalde de stemmen maar antwoordde “Non accepto” (Ik aanvaard niet), omdat hij vreesde voor “ernstige schade”. Martin spreekt van een “kleine brutaliteit”: een gesprek met een afgezant van een internationale organisatie.

 

Latere Bekentenis van Siri zelf: Getuigenis van Pater Peter Khoat Van Tran

Op het einde van zijn leven zou Kardinaal Siri aan de Vietnamese priester Pater Peter Khoat Van Tran hebben bekend dat hij wel degelijk Paus Gregorius XVII was. Hij zou hebben toegegeven onder dwang te hebben afgezien en geheime kardinalen te hebben gecreëerd die ondergronds een opvolger verkozen (de basis van de Siri-beweging).

 

Pater Khoat Van Tran ontmoette Siri meermaals in 1988-1989 in Rome (in het Istituto Ravasco-klooster waar Siri mis opdroeg) en kreeg deze bekentenissn na herhaalde vragen. Siri zou hebben gezegd dat hij “gevangene” was en vreesde voor zijn leven indien hij openlijk optrad. Siri stierf op 2 mei 1989.

 

Referenties:

– Eigen getuigenissen van Pater Peter Khoat Van Tran (o.a. handgeschreven statement van 20 mei 2006, gepubliceerd op thepopeinred.com en in Today’s Catholic World).

– Magnus Lundberg, “Modern Alternative Popes 15: The Cardinal Siri Thesis” (15 mei 2016).

 

Theologische en Canonische Beoordeling

De canons 172 §1 en 185 van het Codex Iuris Canonici (1917) maken een verkiezing of een aftreden onder zware vrees of onrechtmatige dwang ongeldig. De Siri-beweging beschouwt de ondergrondse successie als legitiem.

 

Conclusie van Hoofdstuk 1

Volgens voorstanders vormen de witte rook, de FBI- en inlichtingendocumenten, de bewijzen van bedreigingen en druk (Tisserant en Malachi Martin) en de latere bekentenis van Siri zelf aan pater Khoat Van Tran samen een coherent geheel. Deze elementen bewijzen volgens hen dat kardinaal Siri op 26 oktober 1958 werkelijk werd verkozen tot paus Gregorius XVII, maar onder zware externe dwang gedwongen werd zijn aanvaarding in te trekken. Daardoor zou zijn verkiezing geldig zijn gebleven, zou hij de legitieme paus zijn geweest, en zouden de latere verkiezingen van Johannes XXIII en zijn opvolgers ongeldig zijn.

 

  1. Hoofdstuk 2 – Argumenten tegen de Siri-Thesis

 

Proloog: De Feiten van het Conclaaf van 26 oktober 1958

 

Ontkrachting van de Witte Rook en de Aankondiging

De verschijning van witte rook en de aankondiging door de Vaticaanse radio worden door tegenstanders technisch verklaard. Volgens The New York Times van 27 oktober 1958 was de rook in werkelijkheid grijsachtig. De ochtendrook was waarschijnlijk het gevolg van onvolledige verbranding van het stro, waardoor de verwachte zwarte rook lichter uitviel. Bij de namiddagrook, die na het vallen van de duisternis verscheen, werd zwarte rook van onderaf belicht door schijnwerpers (spotlights), waardoor de rook wit leek. De Vaticaanse radio trok de aankondiging snel in toen men besefte dat er geen definitieve verkiezing had plaatsgevonden. Dergelijke incidenten met verwarrende rookkleuren kwamen vaker voor bij conclaven door de traditionele verbranding van stembiljetten met nat stro, die niet altijd een duidelijke zwarte of witte kleur produceerde.

 

Ontkrachting van de FBI- en Inlichtingendocumenten via Paul L. Williams

De bewering dat FBI-bronnen zouden bevestigen dat Siri op de derde stemming was verkozen, is niet traceerbaar naar enig officieel declassified document. Williams verwijst in latere edities en interviews steeds vager naar “een FBI-source” zonder concrete referentie of documentnummer te geven. Critici beschouwen dit daarom als onvoldoende bewijs.

 

Ontkrachting van Druk en Bedreigingen

Deze claims zijn gebaseerd op horen zeggen. Siri zelf zei in 1985 tegen Louis Hubert Remy (Sous la Bannière, nr. 6, juli-augustus 1986): “Nee, niemand heeft het conclaaf verlaten.” Malachi Martin benadrukt dat Siri aangaf dat zijn “Non accepto” vrij was.

 

Ontkrachting van de Latere Bekentenis: Getuigenis van Pater Peter Khoat Van Tran

Het getuigenis van Khoat Van Tran is zwaar betwist. Hij ontmoette Siri in 1988-1989, maar gaf tegenstrijdige verhalen: in 1988 zou Siri drie keer hebben ontkend paus te zijn; pas na Siri’s dood (1989) zou hij beweren dat Siri de verkiezing bevestigde en geheime kardinalen creëerde.

 

Khoat Van Tran, die beweerde door Kard. Siri tot bisschop te zijn gewijd en tot kardinaal “in pectore” (in het geheim) verheven, verliet later het priesterschap, huwde (“zijn vrouw” heet Nguyen Thi Giang Huong) en kreeg minstens twee zonen. Hij wordt beschreven als internationaal zakenman. Zijn ordinatie (1967) is nooit officieel bevestigd; hij komt niet voor in de katholieke directories van 1967 of 1968. Critici beschouwen hem als ongeloofwaardig.

 

Referenties voor deze kritiek:

– T. Stanfill Benns, “Gregory XVIII / ‘Fr.’ Tran Van Khoat fraud exposed!”, Betrayed Catholics, 2018.

– Magnus Lundberg (2016) noteert dat de claims uitsluitend op Khoats eigen getuigenissen berusten.

 

Ontkrachting door het gedrag van Siri zelf

Een zwaarwegend argument tegen de Siri-Thesis vormt het publieke en consistente gedrag van kardinaal Siri zelf na 1958. Hij aanvaardde openlijk Johannes XXIII en Paulus VI als legitieme pausen, bekleedde belangrijke functies onder hen tot aan zijn dood in 1989 en bleef in volledige communie met de postconciliaire pausen, waaronder Johannes Paulus I en Johannes Paulus II.

 

Siri knielde zelfs voor deze pausen (er bestaan foto’s waarop hij in een houding van eerbied en onderwerping knielt voor Johannes Paulus I en Johannes Paulus II). Hij nam actief deel aan alle vier sessies van het Tweede Vaticaans Concilie (1962-1965) als concilievader. Hij intervenieerde meerdere malen, was lid van belangrijke commissies en diende zelfs als voorzitter van de Italiaanse Bisschoppenconferentie (CEI) tijdens een deel van het concilie. Hij heeft alle zestien documenten van Vaticaan II ondertekend en goedgekeurd, waaronder de controversiële constitutiones zoals Lumen Gentium en Sacrosanctum Concilium.

 

Na het concilie concelebreerde hij de Novus Ordo en zwoer hij trouw aan de opeenvolgende pausen. Hij probeerde zelfs aartsbisschop Marcel Lefebvre te overtuigen om zich te onderwerpen aan de paus en de conciliaire normen te aanvaarden, om een schisma te voorkomen.

 

Bijkomend en doorslaggevend argument: verlies ipso facto van alle kerkelijke ambten door aanvaarding van Vaticaan II

Door de openlijke en consistente aanvaarding van het Tweede Vaticaans Concilie en al zijn documenten heeft kardinaal Siri zich verbonden met meerdere publieke ketterijen die in deze conciliaire teksten voorkomen (zoals de absolute burgerlijke vrijheid van godsdienst, de erkenning van niet-katholieke sekten als “middelen van heil”, de gelijkstelling van niet-christelijke religies met een “straal van de waarheid”, de relativisering van de primaat van de paus en de collegialiteit, de antropocentrische visie op de mens als centrum van de schepping, de neutraliteit van de staat in religieuze zaken, enz.).

 

Volgens de vijfde en gemeenschappelijke opinie onder de theologen (Bellarmin, Ballerini, Wernz-Vidal, Billot e.a.) en volgens het Codex Iuris Canonici van 1917 (canon 188 §4) verliest een clerus die publiekelijk van het katholieke geloof afvalt ipso facto en zonder enige formele verklaring alle kerkelijke ambten. Deze verlies is onmiddellijk en radicaal, omdat de publieke hérésie de betrokkene uitsluit uit de Kerk als lid en hem dus ongeschikt maakt om enig ambt of enige jurisdictie te bezitten.

 

Deze regel geldt zonder uitzondering voor het kardinaalschap en, in hypothese, voor een eventueel pausschap. Een paus die in publieke hérésie vervalt, verliest ipso facto het pontificaat, omdat hij niet langer lid van de Kerk is en dus geen hoofd van de Kerk kan zijn (Bellarmin, De Romano Pontifice, lib. II, cap. 30; canon 188 §4).

 

Siri’s actieve deelname aan het concilie, zijn ondertekening van alle documenten en zijn latere naleving van de conciliaire hervormingen (inclusief de Novus Ordo) maken hem medeverantwoordelijk voor deze publieke ketterijen. Daardoor heeft hij, volgens de doctrine van de Kerk, alle kerkelijke ambten verloren ipso facto, inclusief het kardinaalschap en elk mogelijk pausschap dat hij volgens de Siri-Thesis zou hebben bezeten. Dit gedrag is onverenigbaar met de these dat hij de ware paus Gregorius XVII zou zijn geweest.

 

Theologische en Canonische Refutatie

Zelfs bij een hypothetische dwang prevaleert het dogmatisch feit van de universele en vreedzame aanvaarding van een paus door de hele Kerk. Kardinaal Louis Billot schrijft hierover in Tractatus De Ecclesia Christi (5e editie, Romae: apud aedes Universitatis Gregorianae, 1927):

 

> «… hoe men ook moge denken over de hypothese waarover hierboven sprake was, dit ene punt moet absoluut onwrikbaar worden gehouden en buiten elke twijfel worden geplaatst: de aanvaarding door de universele Kerk zal altijd op zichzelf een onfeilbaar teken zijn van de legitimiteit van de persoon van de Paus, en bovendien ook van het bestaan van alle voorwaarden die voor een dergelijke legitimiteit vereist zijn.»

 

Deze leer, gesteund op de onfeilbare beloften van Christus, maakt volgens tegenstanders dat de Siri-Thesis theologisch onhoudbaar is.

 

Conclusie van Hoofdstuk 2

Historisch ontbreekt primair bewijs; het getuigenis van Khoat Van Tran is tegenstrijdig en gediscrediteerd; het consistente gedrag van Siri – inclusief zijn actieve deelname aan en ondertekening van Vaticaan II en zijn knielende houding van eerbied voor de postconciliaire pausen – vormt een zwaarwegend praktisch bezwaar; en theologisch botst de these met het dogmatisch feit van de universele aanvaarding volgens Billot. Bovendien heeft Siri door de aanvaarding van de ketterijen van Vaticaan II ipso facto alle kerkelijke ambten verloren, inclusief het kardinaalschap en een eventueel pausschap.

 

  1. Bibliografie

– The New York Times, 27 oktober 1958.

– Williams, Paul L. The Vatican Exposed. Prometheus Books, 2003, pp. 90-92.

– Martin, Malachi. The Keys of This Blood. Simon & Schuster, 1990, pp. 607-609.

– Remy, Louis Hubert. “Le pape : serait-ce le Cardinal Siri?”, Sous la Bannière nr. 6, juli-augustus 1986.

– Lundberg, Magnus. “Modern Alternative Popes 15: The Cardinal Siri Thesis”, 15 mei 2016.

– Benns, T. Stanfill. “Gregory XVIII / ‘Fr.’ Tran Van Khoat fraud exposed!”, Betrayed Catholics, 2018.

– Codex Iuris Canonici, 1917, cann. 172 §1 en 185.

– Billot, Kardinaal Louis. Tractatus De Ecclesia Christi, Editio quinta, Romae: apud aedes Universitatis Gregorianae, 1927 (vooral Thesis 29).

– The Pope in Red / Today’s Catholic World (pro-Siri-publicaties met Khoat-getuigenissen, 2006-2008).

 

Pax Christi.

 

NB

 

Card. Siri’s toespraak ter lof van Johannes XXIII

(1958)

 

Referentie:

Deze toespraak werd gepubliceerd op de website Tradition in Action:

https://www.traditioninaction.org/ProgressivistDoc/A_148_Siri-J23.html

(Originele Italiaanse tekst en fotokopie zijn daar eveneens beschikbaar, afkomstig van de Cardinal Siri website, onderhouden door Genuese wetenschappers.)

 

In een poging om de lezers te helpen de gebreken te begrijpen van sommige traditionalisten die zich inbeelden dat kardinaal Giuseppe Siri, aartsbisschop van Genua, in plaats van Johannes XXIII tot paus werd verkozen, publiceren wij hier de tekst van de toespraak die de prelaat hield tijdens een dankbaarheidsviering voor de verkiezing van Johannes XXIII. Deze plechtigheid vond plaats in Genua in 1958, tien dagen na de pauselijke verkiezing. Na het lezen van deze toespraak lijkt het onmogelijk te beweren dat kardinaal Siri, die zogenaamd Gregorius XVII zou zijn, onwillig van het pausschap zou zijn beroofd door een denkbeeldige usurpatiepap Johannes XXIII.

 

Toespraak bij de dankdienst voor de verkiezing van Johannes XXIII (1958)

 

Deze toespraak werd gehouden door kardinaal Giuseppe Siri, aartsbisschop van Genua, op 1 november 1958, aan het einde van de religieuze dienst die in zijn kathedraal van San Lorenzo werd gevierd ter erkenning van de verheffing van Johannes XXIII tot het pausschap.

 

Op Allerheiligen verlicht een groots en sereen schouwspel de zielen van alle gelovigen: het is het schouwspel van hen die door de eeuwen heen de Verlossing van Christus hebben verkregen – of het nu de Christus is die nog moest komen of de Christus die gekomen is – en die nu met Hem leven en regeren voor alle eeuwen in eeuwige glorie.

 

Daar [in de hemel] herstellen zij de ware en duurzame menselijke familie, de familie van God, zonder noden, twisten, nederlagen en oorlogen. Zij, de heiligen, zowel de gecanoniseerden als de niet-gecanoniseerden, zijn tegelijk intens verenigd met ons en aanwezig voor ons. Wanneer wij dit overwegen, keren de dierbare en aangename herinneringen aan hen die wij hebben liefgehad en gekend, naar ons terug. Zij die ons zijn voorgegaan in leven en arbeid maken deel uit van de vergadering van de heiligen. In hen schijnt wat op aarde door de dood lijkt te zijn beëindigd; zij jubelen over wat onze menselijke ellende elke dag probeert te vernederen.

 

Op deze stralende en serene dag, die verbonden is met ons leven, onze families en onze hoop, heb ik u bijeengeroepen om God te danken voor de verkiezing van onze Heilige Vader Johannes XXIII. De grote vaderschap van God wordt sinds de vooravond van 20 oktober vertegenwoordigd door deze paus. In hem vinden wij onze Heilige Vader terug, van wie het zichtbare beeld was uitgedoofd na de heilige dood van Pius XII. In hem herkennen alle mensen die wel vorsten, chefs en leiders hebben maar geen Vader, … in verschillende mate en op verschillende wijzen – dezelfde algemene lijnen en redenen tot vertrouwen.

 

Laten wij God danken omdat wij opnieuw een paus hebben.

 

Een paus hebben is geen mirakel, aangezien dit deel uitmaakt van de geordende constitutie van de Kerk zoals door Jezus Christus ingesteld. Toch blijft er een intense reden tot dankbaarheid. In elke man die tot de Troon van Petrus wordt verheven, zien wij opnieuw de providentiele hand van God over de Geschiedenis. De Plaatsvervanger van Christus is altijd een bode van de genade en de vrede die van God Zelf komt.

 

Ik, die tot u spreek, heb deelgenomen aan de verkiezing van de paus, en als deelgenoot daarvan heb ik ervaren hoe God – terwijl Hij alle mensen vrij laat – ingrijpt in dit soort gebeurtenissen die de Geschiedenis werkelijk en plechtig markeren. Het is mij onmogelijk te zeggen wat ik voelde toen ik, in de stilte van de Sixtijnse Kapel, de stem hoorde van de kardinaal die belast was met het tellen van de stembiljetten en vernam dat de verkiezing van de paus was voltrokken. Het Evangelie en de orde van de Verlossing bewegen zich in de menselijke Geschiedenis en openbaren haar uiteindelijke doelen door middel van een concreet en zichtbaar, sociaal en juridisch feit [de verkiezing van de paus], ingesteld door de Kerk. Het lot van secundaire punten van de Geschiedenis is opgenomen in het algemene plan van de eeuwige Voorzienigheid, met een permanente verwijzing naar het Evangelie en de Verlossing. Deze overwegingen zijn nuttig om te evalueren wat het betekent een paus te hebben, het Hoofd van de Kerk, en om te begrijpen welke verandering de verkiezing van een paus teweegbrengt in de Geschiedenis.

 

Wij moeten God danken voor de keuze die Hij heeft gemaakt. Iedereen die de patriarch van Venetië kende en de eerste, korte uren van dit pontificaat heeft gevolgd, is zich reeds bewust geworden van zijn grote en heldere vastberadenheid zonder aarzeling, vol van een eenvoudige, hartelijke, openhartige en innemende menselijkheid. Dit doet ons geloven dat in de sfeer van dit temperament vrede, een uitnodiging tot begrip en hartelijkheid in de omgang met anderen een providentiele functie krijgen in de wereld – een wereld die onderling respect en een open, vertrouwvolle glimlach ontbeert. Alles leidt ertoe te denken dat dit type mens en bestuur ons concreet en doeltreffend een richting en een sociale norm biedt die bedoeld is om een beter leven en aanmoediging te geven aan talloze mensen, niet alleen Europeanen, maar ook en vooral aan niet-Europeanen, die ver achterbleven aan de tafel van de aardse goederen door de hebzucht van het egoïsme. Alles leidt ertoe te verwachten dat er een nieuwe warmte zal worden verspreid om de betrekkingen tussen katholieken en onze gescheiden broeders te verzachten.

 

Een nieuwe dageraad is opgegaan en zij is bijzonder veelbelovend. Geprezen zij God!

 

Terwijl wij God danken, herinnert de logica ons aan de plicht die ons bindt aan de Plaatsvervanger van Christus. Zij eist genegenheid, eerbied en gehoorzaamheid. Dit zijn voorwaarden om goddelijke gunst te ontvangen, want niemand kan aanspraak maken op goddelijke gunst als hij niet diegene verwelkomt die Jezus Christus heeft gekozen, in de vorm en mate die door Hem is bepaald. Op dit moment moeten wij duidelijk begrijpen dat wij Jezus Christus nooit kunnen scheiden van Zijn vertegenwoordiger, het zichtbare hoofd van de Kerk in de wereld. Het gebaar van Christus die Zijn Plaatsvervanger kiest, vereist altijd die trouw, duidelijkheid, oprechtheid en eerbied die hem toekomt.

 

Te midden van de verschillende vluchtige normen die de wereld graag maakt, laten wij lucid weten te onderscheiden en te beoordelen wat voortkomt uit de hartstochten en laagheid, egoïsme en onwetendheid, en onderscheiden van wat voortkomt uit het offer van Golgotha en de oneindige beminnelijkheid van God, uit een gewaarborgde leer en een geopenbaarde waarheid. Laten wij uit de Geschiedenis het beste kiezen wat zij heeft gegeven en wat de mislukking nooit heeft vernietigd. Laten wij de oprechte en duidelijke geste van een vader [de paus] koesteren, die vraagt dat alle tegenstrijdige suggesties worden opgeschort.

 

Moge God onze Heilige Vader beschermen en ons de genade schenken om trouw te blijven aan de integriteit van ons Geloof en aan Zijn logica, consistent tot het einde.

 

 

Tweede deel

Card. Siri: Een toegewijde voorstander van Johannes Paulus II

(1985)

 

Referentie:

Deze pastorale brief werd gepubliceerd op de website Tradition in Action:

https://www.traditioninaction.org/ProgressivistDoc/A_149_Siri-JPII.html

(Originele Italiaanse tekst en fotokopie zijn daar eveneens beschikbaar, afkomstig van de Cardinal Siri website, onderhouden door Genuese wetenschappers.)

 

Aangezien veel van onze lezers gebaat waren bij de publicatie van afgelopen zaterdag, waarin de duidelijke goedkeuring van kardinaal Giuseppe Siri van Johannes XXIII als de geldige paus werd getoond, publiceren wij vandaag opnieuw een document van de overleden aartsbisschop van Genua. Het betreft een korte pastorale brief die kardinaal Siri aan de parochies van zijn aartsbisdom richtte ter voorbereiding op het bezoek van Johannes Paulus II aan Genua in september 1985.

 

Zoals in het vorige document, blijkt ook uit de inhoud van deze brief duidelijk dat kardinaal Siri Johannes Paulus II als de geldige paus beschouwde. Dit bewijs legt de fabricatie die sommige traditionalisten verspreiden definitief neer, namelijk dat Siri hem nooit zou hebben erkend omdat hijzelf tot paus zou zijn verkozen onder de naam Gregorius XVII en onder zware druk van de vermeende usurperende conciliaire pausen gedwongen zou zijn te zwijgen.

 

Pastorale brief voor de Vastentijd 1985

De Paus komt naar Genua!

 

Beste broeders, beste gelovigen,

 

Op kerstdag 1984 heb ik aangekondigd dat de Soevereine Pontifex naar Genua zou komen. Nu kan ik eraan toevoegen dat hij ons niet alleen de zondag 22 september zal wijden, maar ook de zaterdagmiddag van de 21e, zodat hij meer tijd zal hebben om bij het volk te zijn. Dit bezoek is een groot evenement. Om dit duidelijk te maken, nodig ik u uit om samen met mij enkele overwegingen te maken.

 

Laten we in de eerste plaats enkele historische feiten uit het verleden in herinnering brengen. Om te ontsnappen aan de chaos in Rome stemde paus Gelasius II ermee in om per schip naar Genua te worden gebracht en bracht hij enige tijd in onze stad door. Hij was het die in 1118 de kathedraal van San Lorenzo in onze stad heeft ingewijd. Paus Innocentius IV, een Genuees uit de familie Fieschi, verbleef hier eveneens enige tijd nadat hij Rome had verlaten toen hij door Frederik II werd bedreigd. Paus Gregorius XI verbleef in Genua op zijn terugreis van Avignon naar Rome na de ballingschap van de Heilige Stoel. Het was juist in onze stad dat de heilige Catharina van Siena, nadat zij zijn vele twijfels had overwonnen, hem overtuigde om de reis voort te zetten en de Apostolische Stoel terug te brengen naar de Eeuwige Stad.

 

In de 14e eeuw had Urbanus IV het langste verblijf in Genua; hij verbleef in het gebouw dat nog steeds de ‘Commenda’ wordt genoemd. De laatste paus die hier kwam – en dat zelfs twee keer – was Pius VII: de eerste keer kwam hij door de stad als gevangene van Napoleon in 1809. De tweede keer keerde hij terug nadat hij was vrijgelaten, om de belofte na te komen die hij in de gevangenis had gedaan, namelijk om Onze-Lieve-Vrouw van Barmhartigheid in Savoye te kronen. Hij verbleef hier vijftien dagen en logeerde in een illuster Genuees paleis. Op Hemelvaartsdag celebreerde hij, vergezeld door vijftien kardinalen, een Cappella Papale-mis in de Kerk van de Annunciatie [Annunziata]. Honderdzeventig jaar zijn sindsdien verstreken! Nu keert de Geschiedenis terug!

 

Johannes Paulus II is de geschiedenis van de pausen aan het veranderen. Hij maakt gebruik van de veranderingen van onze tijd, met name de mogelijkheid van snel reizen, en brengt de zorg van een herder rechtstreeks naar de wereld. Dat is het punt. Hij trekt over de wegen van de wereld om de gedachten van de mensen op te heffen naar hun Schepper, en biedt zo een cruciale steun aan hun moreel geweten, want zonder God bestaat het moreel geweten niet of kan het geen van de grote verleidingen weerstaan. Wij moeten het belang waarderen van deze dienst die hij de mensheid verleent: zonder dat geweten zijn verdragen nutteloos en dienen zij alleen maar om de mensen te bedriegen.

 

Maar de paus vliegt niet alleen daarom over de continenten. Hij komt als herder van de zielen: hij herinnert de mensen aan de waarheden die redden; hij bevestigt hen in Geloof en Hoop; hij wekt de Liefde op; hij verdedigt de zwakken met de Waarheid; hij roept op tot Rechtvaardigheid. Dit alles doet hij terwijl hij een zichtbare en voortdurende opoffering brengt. Zijn bezoeken zijn pastorale bezoeken. Ook bij ons zal hij een pastoraal bezoek brengen.

 

Ik heb de paus uitgenodigd in het Santuario della Guardia (Heiligdom van Onze-Lieve-Vrouw van de Guardia), en hij, een groot vereerder van de Madonna, heeft dit met vreugde aanvaard, waardoor hij ons bevestigt in ons vertrouwen in de Heilige Maagd. Het heiligdom is het ontmoetingspunt van ons allen. De oplossingen voor de zorgen van onze stad – die wij nog steeds onder ons hebben – gaan altijd via die Heuvel van de Guardia, die ons de veiligste bescherming biedt.

 

Wij verwachten veel van dit bezoek. Het zou onrechtvaardig zijn daarover te zwijgen.

 

De paus zal volgens een schema bij ons zijn waarvan de details op het gepaste moment openbaar zullen worden gemaakt.

 

Nu nodig ik u uit om na te denken over wie de paus is. De waarde van het bezoek hangt hiervan af.

 

Hij is de Plaatsvervanger van Christus. De woorden van het Evangelie worden sinds het moment van zijn verkiezing toegepast op Johannes Paulus II, zoals ze golden voor Petrus: “Gij zijt Petrus en op deze rots zal Ik mijn Kerk bouwen, en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen. En Ik zal u de sleutels van het Rijk der Hemelen geven; en al wat gij op aarde zult binden, zal ook in de hemel gebonden zijn; en al wat gij op aarde zult ontbinden, zal ook in de hemel ontbonden zijn” (Mt 16,18). De waardigheid van de paus weerspiegelt iets van de Majesteit van God, en wanneer wij hem zien, eenvoudig en vriendelijk tegenover iedereen, mogen wij nooit vergeten dat hij de Plaatsvervanger van Christus is.

 

Vanwege zijn ambt is zijn zegen meer waard dan alle andere zegeningen; om dezelfde reden zijn zijn gebeden en al zijn handelingen belangrijker dan de gebeden en handelingen van alle andere mensen. Om de paus goed te ontvangen, moeten wij hem niet alleen beschouwen als een vorst wiens invloed in de wereld zijn gelijke niet kent, maar zoals wij Jezus Christus zelf zouden ontvangen.

 

Omdat bij deze gelukkige gelegenheid het Geloof het licht is dat alles verlicht en toont wat het bezoek van een paus betekent en hoe het ons dichter bij de Heer kan brengen, moeten wij een geestelijke voorbereiding maken. Hierover zal nadere informatie volgen.

 

Het bezoek van de paus brengt ons niet alleen in overeenstemming met hem, maar met God zelf!

 

 

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

*